Bijdrage H.J.E. van Beuningen

Fotograaf: Hans Menop

50.000 euro beschikbaar voor ondersteuning van wetenschappelijk en praktijkgericht onderzoek.

SBNL Natuurfonds stelt dit jaar voor de derde keer geld beschikbaar vanuit de H.J.E. van Beuningenbijdrage. De bijdrage is genoemd naar wijlen Hendrik Jan van Beuningen, die in 1981 aan de basis stond van SBNL. Vanuit het Elise Mathilde Fonds dat zijn familie ooit opzette, komt nu drie jaar lang een bijdrage beschikbaar.

De bijdrage is bestemd voor het ondersteunen van wetenschappelijk en praktijkgericht onderzoek, dat grensverleggend is, een landelijk belang dient en dat deze zich richt op verhoging van de biodiversiteit. Dit onderzoek heeft relatie met het beheren, beschermen en bevorderen van een pluriforme flora en fauna in Nederland, met inachtneming van een duurzaam gebruik van de natuur.

Projectvoorstellen worden door de initiatiefnemers uitgezet bij gerenommeerde onderzoeksinstituten op basis van aanwezige kennis, wijze van aanpak en kosten, waarbij zo mogelijk concurrentie-stelling wordt toegepast.

Een Commissie Wetenschappelijk Onderzoek (CWO) oordeelt omtrent de geschiktheid van de onderzoeksvoorstellen. Het CWO maakt een voorstel aan het bestuur van het Elise Mathilde Fonds, welke projecten toe te kennen. Na goedkeuring door dit fonds zal de stichting haar financiële bijdrage rechtstreeks doen toekomen aan het betrokken onderzoeksinstituut.

De aanvraagperiode is geopend.
Wilt u op de hoogte blijven? Meldt u aan voor onze Nieuwsbrief.

Aanvragen kunnen worden gediend tot 10 oktober 2022.

De algemene informatie over de aanvraagperiode 2022 kunt u hieronder downloaden.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de contactpersoon voor de H.J.E. van Beuningenbijdrage: Maaike Brasz, of via sbnl@sbnlnatuurfonds.nl  en 0318 57 83 57.

Toegekende aanvragen in 2021/2022

  1. Het Grauwe Kiekendief – Kenniscentrum Akkervogels in Winschoten wil een wetenschappelijk onderzoek opzetten om het verband tussen strokenteelt en de broedbiologie van veldleeuweriken beter in beeld te krijgen. Hiervoor moet allereerst worden onderzocht op welke wijze veldleeuweriken percelen met strokenteelt gebruiken. Daarnaast wordt gekeken naar het broedsucces van veldleeuweriken in of nabij percelen met strokenteelt. Vanuit de Van Beuningenbijdrage is € 16.149 euro toegezegd, omdat veel behoefte is aan meer kennis over de effecten van natuurinclusieve landbouw.
  2. Met de intensivering van de landbouw verdween het Paapje uit grote delen van Nederland. In de beschermde gebieden waar het Paapje nog wel voorkomt nemen de aantallen sterk af, terwijl niet duidelijk is waardoor. De benodigde kennis over gedrag, broedsucces en uitwisseling tussen resterende populaties onderling is zo goed als afwezig. SOVON Vogelonderzoek Nederland & Oenanthe Ecologie willen een onderzoek starten naar de broedbiologie van het Paapje, zodat knelpunten inzichtelijk worden en (beheer-)maatregelen met wetenschappelijke onderbouwing kunnen worden opgezet. Voor dit onderzoek is € 20.000 beschikbaar gesteld om de kennis over deze bedreigde soort te vergroten.

Het project dat in 2019/2020 een bijdrage krijgt uit de H.J.E. van Beuningen Bijdrage:

Herstel van bodemleven
SBNL Natuurfonds gaat het landelijke Deltaplan Biodiversiteitherstel financieel ondersteunen, dankzij de H.J.E. van Beuningen Bijdrage. Een breed scala aan maatschappelijke partijen heeft zich achter dit plan geschaard. ‘Herstel begint bij de bodem. Zonder goed bodemleven heb je geen soortenrijkdom boven de grond’, aldus Wim van der Putten namens het Deltaplan Biodiversiteitsherstel. In zogeheten ‘living labs’ gaan boeren en wetenschappers op verschillende typen landbouwgrond aan de slag met natuurinclusieve landbouwmaatregelen. De effecten daarvan op het bodemleven moeten in de winter van ’21-’22 bekend zijn. Daarna zouden boeren op grote schaal de succesvolle maatregelen moeten gaan toepassen om de biodiversiteit te herstellen.

Dankzij het fonds is hiervoor 49.661 euro beschikbaar.